Cilie de Nevelhekse

IMG 5940-2

Dit bronzen beeld staat aan de zuidkant van de Hervormde Kerk en herinnert aan het mythische verhaal van Cilie de Nevelhekse dat zich in Hollandscheveld rond 1700 zou hebben afgespeeld. Het beeld is geplaatst in 1993 ter ere van het gereedkomen van de reconstructie van de winkelstraat Het Hoekje.

Het verhaal achter het bronzen beeld van Cilie

IMG 5960

Eén van de laatste herinneringen aan de vervening in het Hollandsche Veld is de windvaan op de Hervormde kerk. Een veenschop. De schop werd overgenomen in de vlag en in het wapen van het gebied. Hij staat voor het ‘zweet des aanschijns’, in oud taalgebruik uitgedrukt, waarin de bevolking haar brood verdiende. Onder de windvaan vinden we een smeedijzeren torenkruis, dat met zijn beide zijarmen naar het noorden en het zuiden wijst. Het kruis zit enigszins weggewerkt in eenvoudige versieringen. Onder dit torenkruis vinden we een vergulde bal. Deze bal staat voor de appel van Adam en eva uit het paradijs, de zonde. Een bal met een kruis erop kennen we ook als symbool van macht, afgebeeld in de handen van vorsten, waarbij de bal staat voor de aarde. De torenspits van Hollandscheveld wil, binnen deze symboliek, de mensen zeggen dat er op deze aarde maar één ware heerser is: Jezus Christus. De torenspits werd wereldwijd verspreid in de boeken over Vincent van Gogh, die hem in 1883 tekende. De toren werd het logo van de Aktiviteitencommissie ’t Oekie, en ging de plaatselijke krant sieren. Het is het symbool van het dorp geworden.

Gedenkteken Vrije Boeren

IMG 5965

Dit gedenkteken vindt u bij het adres Hollandscheveldse Opgaande 28 en is een monument ter nagedachtenis aan de “Opstand der braven”, het Boerendrama in Hollandscheveld in 1963.

Het verhaal achter het gedenkteken

Hollandscheveldse Kei

IMG 5941-2Dit monument vindt u op De Brink aan de noordzijde van de Hervormde Kerk

In 1981 bestond het dorp Hollandscheveld 350 jaar. De Stichting Activiteitencommissie ’t Oekie wilde hier een blijvende herinnering voor oprichten. Dit werd een monument in de vorm van een reusachtige zwerfkei, uit de directe omgeving van het dorp. De onthulling van het monument was een van de vele festiviteiten in die in 1981 in het dorp werden georganiseerd in het kader van het 350 jarig bestaan van Hollandscheveld.

Oorlogsgedenkteken van Hollandscheveld

Kopie 2 van IMG 5942Naast de Hervormde kerk van Hollandscheveld, op de rand van het park, staat een oorlogsgedenkteken. Het lijkt een simpel stuk beton met een metalen ‘ding’ erop. Het is een verstilde kaars. Een licht dat wil branden, dat moet branden, maar dat in de tijd is gestold. Het is een kaars met een vlam die zo krachtig is dat hij er staat, ondanks dat het licht niet lijkt te komen. De kaars wordt brandende gehouden, ter herinnering aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Op de kaars is een plaquette bevestigd, met daarop de namen van de slachtoffers van Hollandscheveld en omstreken. Het gedenkteken is tevens een waakvlam tegen opnieuw opkomend fascisme en racisme. De kaars is opgebouwd uit een betonnen duiker en een blad van de propeller van een Lancaster-bommenwerper. Duikers werden in de Tweede Wereldoorlog op de weg gezet om mensen te laten stoppen. Deze duiker wil ons laten stilstaan bij de slachtoffers. De propeller is van een hier neergestorte bommenwerper. Rondom de kaars liggen Belgische keitjes in de grond. Ze omarmen de kaars. De Belgische keitjes herinneren aan onze bevrijders. Dat waren de manschappen van het 1st Belgian SAS Parachute Regiment. Ze zuiverden deze streek op 10 april 1945 van de laatste bezetters.

De woning van een vervener uit de buitengebieden van Hoogeveen 

Schermafbeelding 2013-08-09 om 13.37.11

Het pand Hollandscheveldse Opgaande no. 6 werd in 1765 gebouwd door de familie Klinkien. Jan Alberts Klinkien woonde net ten oosten van dit pand. Toen zijn zoon Albert trouwde en behuizing nodig had werd op grond van de Klinkien’s een langgerekt boerderijtje gebouwd, dat in de lengte langs het Hollandscheveldse Opgaande stond. Men bouwde op traditionele wijze: houten gebinten, die een dak van met riet bedekt rondhout droegen, en niet-dragende muren van met leem bestreken vlechtwerk. Dit was geen teken van armoede.